Maïs onder derogatievoorwaarden

Sinds het voorjaar van 2015 is het nieuwe mestdecreet MAP5 in voege getreden, wat betekent dat er ook een nieuwe derogatie is. Om maïs te kunnen telen met de verhoogde bemesting is net als in MAP 4 is de teeltcombinatie gras-maïs nog steeds verplicht. In MAP 5 kan men echter kiezen hoe deze teeltcombinatie in te vullen.  De eerste mogelijkheid is het gras, of rogge,  maaien en afvoeren, net zoals in het vorige MAP 4. Ook de bemestingsnormen zijn hetzelfde gebleven.

Nieuw is dat men het gras ook kan onderzaaien. In dit geval geldt er geen verplichting tot  maaien. Het ondergezaaide gras mag na 15 februari onder gewerkt worden en hoeft niet gemaaid te worden. Men kan hier 250 kg N/ha uit dierlijke mest toedienen maar de de totale norm ligt op respectievelijk 135 kg N/ha voor zand en 150 kg N/ha voor niet-zandgrond.

Tevens is er ook de mogelijkheid om EAG en derogatie te gaan combineren.

Aan de verschillende mogelijkheden zijn echter ook enkele beperkingen verbonden. Dit project wil nagaan wat de mogelijkheden zijn van de nieuwe regels van mais telen onder derogatievoorwaarden al dan niet in combinatie met EAG.

Projectverantwoordelijke: APB Hooibeekhoeve